Wedstrijden schapendrijven
Een Border Collie is van oorsprong een schapen -
veedrijver uit de grensstreek van Engeland en Schotland, de z.g.
Borders.
Tegenwoordig word de Border Collie ook als huishond gehouden. Ook deze
Border Collies hebben erg veel beweging en uitdaging nodig op het
mentale vlak. Je bent er niet met 3 keer per dag wandelen. De hond wordt
dan ongelukkig en het baasje ook.
Met het trainen voor het schapendrijven kan worden begonnen op de
leeftijd van ongeveer een jaar. Snuffelen aan de schapen kan bij
ongeveer 4 maanden.
Hier word de hond mee genomen naar een koppel van ongeveer 10 schapen en
los gelaten. Men moet hiervoor wel schapen hebben die honden gewend zijn
en zeker niet bokken tegen een puppy. Schade op jonge leeftijd kan grote
gevolgen hebben.
Daarom ga je ook altijd naar een ervaren handler, om de eerste paar
keren zo prettig mogelijk te laten verlopen. Roep je hond een paar keer
terug en laat hem liggen.
Een hond van vier maanden is nog maar een pup, verwacht dan ook niet het
uiterste en laat de pup dan ook hooguit 5 tot 8 minuten bij de
schapen.Je ziet snel genoeg of de hond aanleg heeft of niet. Zet in je
enthousiasme niet teveel druk op je hond, schreeuw niet en beloon het
gedrag uitbundig door te knuffelen.
Als je wilt gaan schapendrijven met een Border Collie en het is je
eerste hondje, dan is mijn advies ga eens een paar keer kijken bij
wedstrijden van de Border Collie Club Nederland of bij de Dutch Sheep
Dog Society, daar zie je wat de bedoeling is.
Je hoort de stemcommando’s en de fluitcommando’s,en je ziet de afstanden
waarop gewerkt word.
Ik geef zelf de voorkeur aan een mix van Nederlandse en engelse
commando's.
Een van de eerste oefeningen is het twaalf uren, de hond
op 12 uur van de handler met de schapen er tussen in. Dat kan los maar
ook met de schapen in een z.g. flexinet. Door de hond te leren blijven
liggen, kan de afstand worden vergroot.
Zo gaat de handler verder met het maken van een achtvorm over het gehele
veld, met de schapen achter zich en de hond achter de schapen.
De hond moet in het begin zijn positie bepalen, later zal zich hier een
balanspunt ontwikkelen.
Schapendrijven en regels
Schapendrijven als wedstrijdsport is ontstaan uit het dagelijks werk met
border collies op de (schapen)boerderij.
En zoals het dikwijls gaat, werd 's avonds in de kroeg flink opgeschept
over de prestaties van de honden. Zo ontstond het idee om in wedstrijden
de bekwaamheid van de honden te vergelijken.
Een wedstrijd schapendrijven bestaat uit 7 onderdelen en wordt meestal
afgewerkt met 4 of 5 schapen :
1. De outrun :
Tijdens een wedstrijd worden de schapen op het veld gezet op een afstand
van de handler en zijn hond de afstand kan variëren tussen 100 en 500
meter afhankelijk van de klasse waarin gelopen wordt.
De outrun is het vertrek van de hond bij zijn baas waarbij de hond met
een grote boog tot achter de schapen loopt.
De jury geeft maximaal 20 punten voor de manier waarop de hond tot
achter de schapen loopt.
2. De lift :
Nadat de hond achter de schapen is geraakt, moet hij de schapen in
beweging brengen.
Dit onderdeel noemen we de 'lift' en wordt maximaal met 10 punten
beloond.
3. De fetch :
Nu is het de bedoeling dat de hond de schapen in een rechte lijn naar de
handler brengt.
Hierbij moeten ze ongeveer in het midden van het terrein door de
zogenoemde 'fetchpoort' lopen. Dit zijn 2 hekken die 6 meter van elkaar
staan.
De 20 punten van dit onderdeel worden toegekend voor de looplijnen, de
controle van de hond op de schapen, de manier van werken van de hond en
natuurlijk het al dan niet correct passeren door de fetchpoort.
De fetch is afgelopen nadat de schapen achter de handler gepasseerd
zijn.
4. De drive :
Tijdens de drive moet de hond de schapen schuin naar links of rechts
(opgegeven door de jury) wegdrijven naar drivepoort 1. Dit zijn weer 2
hekken met 6 meter tussenruimte die tussen de 70 en de 250 meter van de
handler staan.
Van drivepoort 1 moet het dan naar drivepoort 2 die helemaal aan de
andere kant van het terrein staat.
Van drivepoort 2 moeten de schapen naar de sheddingring gebracht worden
voor het volgende onderdeel.
De drive wordt net als de fetch beoordeeld op looplijnen, het passeren
van de poorten,
de controle van de hond over de schapen en de manier van werken. Hier
zijn echter wel 30 punten te verdienen (of te verliezen).
5. De shedding :
Zodra de schapen in de sheddingring zijn aangekomen (cirkel met diameter
van 32 meter)
moeten de schapen in 2 groepen gesplitst worden en moet 1 van die
groepjes onder controle gehouden worden. Dit alles moet binnen de
sheddingring gebeuren.
Vanaf dit onderdeel mag de handler zijn plaats verlaten en de hond
bijstaan.
Er zijn 10 punten te verdienen.
6. De pen :
Nu is het de bedoeling dat de hond de schapen in een hok drijft. De
handler moet het hok zelf gaan openen en sluiten zonder daarbij de
schapen aan te raken. (ook de poort mag de schapen niet raken).
Tot slot moet de hond de schapen opnieuw uit de pen halen om op weg te
gaan naar het volgende onderdeel. (10 punten).
7. De single :
Dit onderdeel komt enkel voor tijdens klasse III wedstrijden. Het is de
bedoeling om één schaap af te zonderen van de rest zonder daarbij een
schaap aan te raken.
Ook de single moet uitgevoerd worden in de sheddingring. (10 punten)
Tijdens grote wedstrijden (zoals de 'Continental') kan daar ook nog een
'look back' bijkomen.
Tijdens de uitvoering wordt er dan een tweede groep schapen op het
terrein gebracht.
De hond moet dan zijn eerste schapen achterlaten en die tweede groep
gaan ophalen en samenvoegen met de eerste groep.
Andere vormen van wedstrijden in het schapendrijven zijn het 'Hollands
parcours' een soort hindernissenparcours en de 'brace', een parcours dat
met meerdere honden gelijktijdig wordt afgelegd. Zij zijn echter weinig
of niet bekend
Voorbeeld van een Engels parcours



